والجدلُ: قياسٌ مُؤلّفٌ من مُقدّماتٍ مشهورةٍ، والخطابةُ: قياسٌ مُؤلّفٌ من مُقدّماتٍ مقبولةٍ من شَخْصٍ مُعتَقَدٍ فيه، أو مظنونة، والشِّعرُ: قياسٌ مُؤلّفٌ من مقدماتٍ مُتخيَّلةٍ تَنْبسطُ منها النَّفسُ نحو: الخمرُ ياقوتةٌ سَيَّالَةٌ، أو تَنقبضُ نحو: العَسلُ مُرَّةٌ مُهوِّعةٌ، والمغالطةُ: قياسٌ مُؤلّفٌ من مُقدِّماتٍ كاذبةٍ شبيهةٍ بالحقِ، أو مُقدِّماتٍ وهميةٍ كاذبةٍ، والعَمدةُ هو البُرهانُ لا غيرُ، وَليكُنْ هذا آخرَ الرِّسالةِ.
من الاصطلاحاتِ المنطقيَّةِ المذكورةِ الجَدلُ: وهو قياسٌ مؤلّفٌ من مقدِّماتٍ مشهورةٍ كالمقدِّماتِ التي ذكرناها في اليقينيَّات، والغرَضُ من ترتيبها إلزامُ الخصم، وهو ظاهرٌ، ومنها الخَطَابَة: وهو قياسٌ مؤلّفٌ من مقدماتٍ مقبولةٍ من شخصٍ مُعتَقَدٍ فيه، أو مظنونة، والغرضُ منهما ترغيبُ الناسِ فيما يَنفعُهم من أمورِ معاشِهم كما يفعلُهُ الخُطباءُ والوُعَّاظُ، ومنها الشِّعرُ: وهو قياسٌ مُؤلّفٌ من مقدِّماتٍ تنبسطُ منها النفسُ، أو تنقبضُ كما إذا قيلَ: الخمرُ ياقوتةٌ سيَّالةٌ انبسطت النَّفسُ ورغبتْ في شربها، وإذا قيل: العسلُ مُرَّةٌ مُهوِّعةٌ انقبضت النفسُ وتنفَّرت عن أكلها، ومنها المُغالطةُ: وهي قياسٌ مؤلّفٌ من مقدِّماتٍ كاذبةٍ شبيهةٍ بالحقِّ، أو بالمشهورةِ، أو من مقدّماتٍ وهميةٍ كاذبةٍ، والغلطُ: إمَّا من جهةِ الصُّورةِ، أو من جهةِ المعنى، أَمَّا ما يكونُ من جهةِ الصورةِ فكقولنا لصورةِ الفرسِ المنقوشةِ على الجدارِ: إنَّها فرسٌ وكلُّ فرسٍ صَهَّالٌ، ينتجُ أن تلك الصورةَ صهَّالة، وأمَّا ما يكون من جهةِ المعنى فكقولنا: كلُّ إنسانٍ وفرسٍ فهو إنسانٌ، وكلُّ إنسانٍ وفرسٍ فهو فرسٌ، ينتجُ بعضُ الإنسانِ فرسٌ. اعلم أَنَّ ما عليه الاعتمادُ والتَّعويلُ من هذه القياسات إنما هو البرهانُ، لكونهِ مُركَّباً من المقدّماتِ اليقينيَّة، وليكنْ هذا آخرَ ما كتبناهُ من الأوراقِ لإيضاح ما في كتابِ إيساغوجي.
Een van de genoemde vaktermen van de logica is de : een dat bestaat uit algemeen aanvaarde , zoals de premissen die we bij de noemden; het doel van de ordening ervan is de tegenstander klem te zetten, en dat is duidelijk. Een andere is de : een syllogisme dat bestaat uit “premissen die men aanvaardt van iemand die men vertrouwt, of die alleen waarschijnlijk zijn”. Het doel van beide [soorten] is mensen te laten verlangen naar wat hun tot nut is in de zaken van hun levensonderhoud, zoals predikers en vermaners doen. Een andere is de : een syllogisme dat bestaat uit premissen waardoor de ziel zich opent of juist sluit. Zegt men “Wijn is een vloeibare robijn”, dan opent de ziel zich en verlangt ze ernaar die te drinken; en zegt men “Honing is bitter en doet braken”, dan sluit de ziel zich en keert ze zich ervan af om die te eten. Een andere is de : een syllogisme dat bestaat uit onware premissen die lijken op de waarheid of op wat algemeen aanvaard is, of uit onware inbeeldingen. De fout komt ofwel van de kant van de vorm, ofwel van de kant van de betekenis. Van de kant van de vorm: zoals wanneer we over de afbeelding van een paard die op een muur geschilderd is, zeggen: “Het is een paard, en elk paard hinnikt”, wat oplevert: “Die afbeelding hinnikt.” Van de kant van de betekenis: zoals wanneer we zeggen: “Alles wat mens en paard is, is een mens, en alles wat mens en paard is, is een paard”, wat oplevert: “Sommige mensen zijn paarden.” Weet dat van deze syllogismen alleen de iets is waarop men kan vertrouwen en bouwen, omdat ze bestaat uit zekere premissen. Laat dit het einde zijn van wat we op deze bladzijden geschreven hebben om duidelijk te maken wat er in de Īsāghūjī staat.
Sharḥ Īsāghūjī · p. 75